Vorige week was ik op retraite in een klooster. Klinkt tof hè? Dat was het ook. Ik neem je graag mee in waarom ik dit doe, hoe het is in een klooster en wat ik ervan meeneem naar huis.
Aankomst bij de Sint-Adelbertabdij
Begin mei mocht ik met nog drie fellows verblijven in het gastenverblijf van de Abdij van Egmond. Ik heb zoiets al een paar keer eerder mogen doen en keek er erg uit naar even ‘off-grid’ te gaan. De waan van de dag achter me laten en stilstaan. Écht stilstaan. Niet het stilstaan dat ik denk te bereiken met een kwartiertje mediteren. Wat komt er naar boven aan gevoelens en gedachten als ik niet word afgeleid door Netflix, Instagram, Facebook en andere dingen die stiekem veel tijd kosten en veel prikkels geven?
Bij aankomst worden we welkom geheten door de gastenbroeder George en krijgen we tijd om te acclimatiseren op onze kamer. Ruime maar sobere eenpersoonskamers, voorzien van een eigen douche en toilet (yes!).
Mee met het ritme van het klooster
Er is een heuse dagorde waarin je van harte welkom bent om aan te haken, wat zorgt voor ritme en structuur. Mijn medefellows en ik hebben dan ook aan aardig wat diensten meegedaan. Ja, ook de lezingendienst (Metten) om 06:00 ;-).
Alle maaltijden zijn in stilte. Dat is de eerste paar maaltijden even wennen, maar het went snel.
We hebben zelf een aantal meetings georganiseerd waarbij we in de eerste meeting onze verwachtingen van de retraite hebben uitgesproken. Omdat we maar met z’n vieren waren, was de sfeer intiemer dan op een grote meeting. Wat was dat fijn. Mede-alcoholisten in herstel, in zo’n mooie, serene setting. Een van de dingen die ik wilde bereiken was rust vinden en ontdekken hoe ik met de 12 stappen meer los kan komen van de gejaagdheid in het leven.
Wat heb ik genoten van de mooie en kwetsbare gesprekken met deze kostbare mensen. Wat ik ook vond, was de stilte. Het klinkt tegenstrijdig, maar in de stilte (en soms ook de eenzaamheid, als ik eerlijk ben) ligt een onwankelbare en onuitputtelijke troost en sereniteit. Een plek waar ik me nietig en klein voel, maar tegelijkertijd krachtig en sterk.
Ik kom erachter dat ik eigenlijk heel weinig nodig heb om gelukkig te zijn. Mijn hoofd en de wereld vertellen me vaak dat het niet goed is zoals het is. In de stilte leer ik dat anders te zien.
Wat neem ik mee
Naast verdieping van de vriendschappen met de andere drie fellows, een hoop plezier en bijzondere herinneringen neem ik het volgende mee:
- Iedere dag kan ik dezelfde rust vinden als in het klooster.
- Iedere keuze heeft een consequentie: Ik kan een half uur op m’n socials scrollen, maar dat geeft me eerlijk gezegd geen rust.
- Ik mag leren om de ‘verveling’ op te zoeken in de stilte.
Ik ga zeker nog eens terug!
Lieve groet,
Tom














